Na het beruchte “kerstarrest” van 24 december 2021 zijn er in 2024 diverse ontwikkelingen geweest in de jurisprudentie en met wetgevingsplannen voor een nieuw box 3-stelsel. In dit artikel behandelen we de hoofdlijnen van de diverse ontwikkelingen. Het tarief in box 3 is in 2025 ongewijzigd gebleven: 36%. De discussies gaan vooral over het inkomen waarover dat tarief wordt berekend.

Heffing over werkelijk rendement

De Hoge Raad heeft beslist dat slechts over het werkelijke rendement geheven mag worden en niet over een forfaitair hoger rendement. Het gevolg is dat de Staat in veel gevallen box 3-heffing moet gaan teruggeven (of minder kan gaan heffen). De Belastingdienst ontwikkelt daarvoor een digitale “Opgaaf Werkelijk Rendement” (OWR) die volgens planning in de zomer van 2025 beschikbaar komt. Dan kan iedere belastingplichtige die dat wil, per jaar zo’n digitale opgaaf indienen. Dat geldt in ieder geval voor de belastingjaren vanaf 2021. Voor eerdere belastingjaren vanaf 2017 is het afhankelijk van ingediende bezwaren en verzoeken en de uitkomst van nog lopende procedures bij de Hoge Raad.

In het najaar van 2024 hebben alle belastingplichtigen met box 3-inkomen informatiebrieven ontvangen van de Belastingdienst. Verdere actie is pas nodig in de zomer van 2025 wanneer het invullen van de Opgaaf Werkelijk Rendement mogelijk wordt. Tot die tijd is het handig om alvast bewijsstukken van het werkelijke rendement in de afgelopen jaren te verzamelen voor wie verwacht in een jaar of meer jaren een lager werkelijk rendement over box 3-vermogen te hebben dan het in de aangiften vermelde forfaitaire rendement.

Er kan geen nadeel voor belastingplichtigen optreden, dus bij een hoger werkelijk inkomen in een jaar wordt niet extra geheven.

Berekening werkelijk rendement

De Hoge Raad heeft in arresten in juni en december 2024 duidelijke regels gegeven over hoe het werkelijke rendement berekend moet worden. Over de regels die in de arresten van 6 en 14 juni 2024 zijn genoemd, is al veel geschreven. Er resteerden nog vragen waarover de Hoge Raad in vier arresten van 20 december 2024 duidelijkheid heeft gegeven:

  1. Voor het werkelijke rendement van woningen in box 3 moet wat de ongerealiseerde waardestijging betreft aangesloten worden bij de WOZ-waarden (hoewel de waardepeildatum altijd een jaar achterloopt). Dus de waardemutatie in 2023 is het verschil tussen de WOZ-waarde 2023 (waardepeildatum 1 januari 2022) en de WOZ-waarde 2024 (waardepeildatum 1 januari 2023).

  2. In een jaar waarin een box 3-woning verkocht is, wordt de waardemutatie overeenkomstig het vorige punt berekend (dus op basis van WOZ-waarden, zodat de werkelijke verkoopopbrengst voor deze berekening niet van belang is). Vervolgens wordt die mutatie tijdsevenredig toegerekend aan de verkoper en de koper. Wie op 31 maart verkoopt, moet dus 3/12e van de jaarmutatie meenemen in de berekening van het werkelijke rendement in dat jaar.

  3. Bij de waardemutatie van woningen in box 3 op basis van de vorige punten hoeft een WOZ-waardestijging die voortvloeit uit investeringen in verbeteringen of uitbreidingen niet mee te tellen.

  4. Er hoeft bij de berekening van het werkelijke rendement geen bijtelling wegens eigen gebruik plaats te vinden. Wie een tweede woning uitsluitend zelf gebruikt, hoeft dus bij de berekening van het werkelijke rendement uitsluitend rekening te houden met de in de vorige punten genoemde WOZ-waardemutatie.

Toekomstig box 3-stelsel werkelijk rendement in 2028

In 2024 is een wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 voor advies naar de Raad van State gestuurd over een nieuw box 3-stelsel dat in 2028 zou moeten ingaan. De Raad van State heeft op 2 december 2024 negatief geadviseerd over het wetsvoorstel en opgeroepen het wetsvoorstel te heroverwegen en aan te passen.

Inmiddels heeft staatssecretaris Van Oostenbruggen in een brief van 24 januari 2025 gereageerd en uitgelegd toch door te zullen gaan met het wetsvoorstel omdat alternatieven grotere nadelen hebben. Het is dus wachten op indiening van het wetsvoorstel en de verdere behandeling in het parlement.

Acties 2025

In de afgelopen 10 jaar is heel veel gezegd en geschreven over box 3 en dat zal dit jaar en de komende jaren dus nog doorgaan. Intussen zijn er nog regelmatig nieuwe uitspraken van belastingrechters over box 3, want nog steeds zijn er discussiepunten.

In de zomer van 2025 zal vooral actie nodig zijn voor het verzamelen van gegevens en invullen van digitale formulieren Opgaaf Werkelijk Rendement voor wie verwacht daarmee een voordeel te kunnen behalen in een jaar of meer jaren. Daarna zal het overigens nog lang duren voordat er terugbetalingen plaatsvinden. De eerste afwikkeling van aanslagen met box 3 zal waarschijnlijk pas in de loop van 2026 aan de orde zijn.

drs. Wim de Kok

28 januari 2025
Geplaatst in: Nieuws, Blogs