Of u nu werkt met zzp’ers of niet; het zal u vast niet zijn ontgaan dat de Belastingdienst vanaf 1 januari 2025 gaat handhaven op schijnzelfstandigheid. In de media wordt hier veel aandacht aan besteed. Helaas roepen deze berichten regelmatig meer vragen op dan dat zij duidelijkheid geven. Opdrachtgevers twijfelen of zij nog wel door willen met zzp’ers. Sommigen hebben al besloten volledig te stoppen met de inhuur van zzp’ers. Als u werkt met zzp’ers zult u zich wellicht afvragen waar u goed aan doet. U zult immers niet voor niets met zzp’ers werken. In deze krappe arbeidsmarkt kunt u misschien niet zonder de inzet van de zzp’ers. Of misschien heeft u juist de flexibiliteit nodig die een zzp’er biedt. In dit bericht geven we u meer uitleg over de risico’s en wat u kunt doen.  

Waar hebben we het nu precies over? 

Welke risico’s loopt u als opdrachtgever wanneer uw zzp’er toch een werknemer blijkt te zijn? Dit oordeel heeft impact op 4 verschillende gebieden: arbeidsrecht, fiscaliteit, sociale zekerheid en pensioen. De beoordeling of iemand een werknemer of een zzp’er is, is een arbeidsrechtelijke toets. Zodra een werkende kwalificeert als werknemer, is het arbeidsrecht op hem van toepassing. De voorkeur of wens van beide partijen is hierbij niet relevant. Als het arbeidsrecht moet worden toegepast, moeten (onder andere) vakantiedagen en ziektedagen worden doorbetaald, geldt het ontslagrecht en moet een transitievergoeding worden betaald als u de werknemer ontslaat. Fiscaal wordt de werkende dan als werknemer aangemerkt, waardoor (onder andere) loonbelasting en premies volks- en werknemersverzekeringen moeten worden betaald.

De Belastingdienst heeft aangegeven dat zij de loonbelasting niet zal naheffen over de periode van vóór 1 januari 2025. Er moet daarnaast worden afgedragen voor de sociale zekerheid. Tot slot zal de werkende ook recht hebben op pensioen als u dat aanbiedt aan uw werknemers of als er een verplicht bedrijfstakpensioenfonds van toepassing is. Het pensioenfonds kan een premievordering bij u als werkgever indienen tot de start van het dienstverband (als zzp’er). Dit kan tot 20 jaar terug. In de praktijk blijkt het erg lastig het werknemersdeel van deze premie op de werkende te verhalen. 

Wanneer zzp’er en wanneer niet? 

Belangrijk om nogmaals te benadrukken is dat het wel of niet zijn van zzp’er geen vrije keuze is. Als een zzp’er op basis van de huidige arbeidsrechtelijke wetgeving en rechtspraak als een werknemer moet worden aangemerkt, dan is de zzp’er een werknemer. De bedoelingen en/of wensen van de betrokken partijen spelen daarbij geen rol.  

Bij de beoordeling of sprake is van een zzp’er of een werknemer, wordt gekeken naar hoe de werkzaamheden daadwerkelijk worden uitgevoerd. Wat er is opgeschreven in het contract is daarbij niet van belang als dit anders is dan de werkelijkheid. Als een zzp’er al jarenlang hetzelfde werk bij u doet als uw werknemers, hij maandelijks zijn vaste “fee” overgemaakt krijgt zonder dat hij daarvoor een factuur hoeft te sturen, deze fee net zo hoog is als het salaris van werknemers in vergelijkbare functies, hij meegaat met de personeelsuitjes en jaarlijks een kerstpakket ontvangt, zal het u (hopelijk) niet verbazen dat deze zzp’er eigenlijk een werknemer is. Helaas zijn veel situaties niet zo zwart-wit als hiervoor beschreven.  

In maart 2023 heeft de hoogste Nederlandse rechter, de Hoge Raad, het zogenaamde Deliveroo-arrest gewezen. Daarin heeft de Hoge Raad gezichtspunten geformuleerd die allemaal moeten worden onderzocht en onderling moeten worden afgewogen. Er is geen rangorde tussen de gezichtspunten. De Belastingdienst zal aan de hand van (onder andere) het Deliveroo-arrest beoordelen of sprake is van schijnzelfstandigheid. Om u een indicatie te kunnen geven of sprake is van schijnzelfstandigheid heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een webmodule ontwikkeld waarin de gezichtspunten van het Deliveroo-arrest zijn verwerkt. Via deze link kunt u deze webmodule vinden en invullen. Wees ervan bewust dat de uitkomst van deze module geen zekerheid biedt, maar alleen een indicatie is.   

Wat kunt u doen? 

Als u twijfels heeft of de zzp’ers binnen uw organisatie wel echt zzp’ers zijn of als uit de webmodule blijkt dat er veel kenmerken van loondienst zijn, is het verstandig om uw werkwijze met zzp’ers onder de loep te nemen. U kunt in kaart brengen op welke manier u met zzp’ers werkt. Als echt sprake is van schijnzelfstandigheid, dan zal een andere werkwijze waarschijnlijk niet mogelijk zijn. De zzp’ers zullen dan werknemers zijn. In sommige gevallen kunt u de opdracht wellicht anders uitzetten om het risico op schijnzelfstandigheid te verminderen. Denk bijvoorbeeld aan de manier waarop de werkzaamheden worden uitgevoerd en uw betrokkenheid daarbij, de manier van factureren en/of de aansprakelijkheidsverdeling. Het is niet alleen belangrijk om de afspraken in lijn te brengen met de gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest, ook de feitelijke uitvoering van de afspraken moet daarbij aansluiten. 

Op dit moment zijn er veel bemiddelingsbureaus en intermediairs die adverteren dat u met hun diensten onder schijnzelfstandigheid uit kunt komen. Deze constructies zijn niet zonder risico. Ook hier kan sprake zijn van schijnzelfstandigheid of loopt u risico op inlenersaansprakelijkheid. Het oprichten van een BV door de zzp’er wordt ook regelmatig als oplossing aangedragen. Ook deze “oplossing” biedt geen garantie op het voorkomen van schijnzelfstandigheid. Werken vanuit een BV kan een aanwijzing vormen voor ondernemerschap, maar daarvoor zal de BV ook meerwaarde moeten hebben. Als de BV alleen wordt gebruikt om schijnzelfstandigheid te voorkomen, dan zal de Belastingdienst doen alsof deze niet bestaat. Uiteindelijk gaat het om de manier waarop de werkzaamheden worden uitgevoerd. Daar zal dus aandacht aan moeten worden besteed. 

Duidelijk is dat er niet één advies is om wel of niet met zzp’ers te (blijven) werken vanaf 1 januari 2025. Of sprake is van schijnzelfstandigheid is afhankelijk van het specifieke geval en vooral van hoe wordt gewerkt. We brengen graag met u in kaart hoe u met zzp’ers werkt en in welke mate u risico loopt. Samen kijken we naar de mogelijkheden om te blijven werken met zzp’ers en daarbij de risico’s op schijnzelfstandigheid zo veel mogelijk te beperken.  

Verder praten? 

Het is mogelijk om met zzp’ers te blijven werken nu de Belastingdienst gaat handhaven op schijnzelfstandigheid. Wellicht zijn er wel aanpassingen nodig in uw werkwijze. In sommige gevallen zal de conclusie zijn dat er sprake is van schijnzelfstandigheid en kunt u niet zonder risico met zzp’ers blijven werken. We denken graag met u mee over uw situatie. Wilt u graag verder praten over dit onderwerp? Neem dan contact op met belastingadviseur Wim van Groningen via wvg@lansigt.nl en/of juridisch adviseur Eva van Sliedregt via evs@lansigt.nl.  

26 november 2024